De keuze van het kabeltraject

Naast de overwegingen met betrekking tot de ruimtelijke opties voor de locatie van het conversiestation, werden factoren die een impact hebben op het onderzeese kabeltraject in overweging genomen. Deze factoren zijn o.a.:

Fysieke omgeving: Waar mogelijk zullen gebieden met rotsen, keileem en zandgolven worden vermeden, omdat deze problemen kunnen veroorzaken bij het ingraven van de kabel.

Biologische omgeving: Kruisingen door beschermde gebieden zullen over zo kort mogelijke afstanden lopen om het maritieme leven zo min mogelijk te verstoren.

Menselijke omgeving: Het traject is zorgvuldig bepaald om alle ankergebieden, baggergebieden, bestaande lozingsinrichtingen, wrakken, olie- en gasinfrastructuur en offshore windmolenparken te vermijden.

Als onderdeel van de procedure voor de keuze van het traject, werden de opties vastgesteld voor de aanlanding van de onderzeese kabels en het traject van de ondergrondse kabels aan land. Hierbij zijn de volgende punten in overweging genomen:

  • Aanlandingstechniek van de onderzeese kabels
  • Kustgeologie
  • Kustprocessen
  • Strandhelling
  • Milieugevoeligheid (bijv. natuurbescherming)
  • Rivieren en waterlopen
  • Bestaande infrastructuur
  • Toegang

In België ligt de voorkeurslocatie voor aanlanding ten westen van de bestaande aanlandingslocaties van de kabels van de windmolenparken Belwind en Northwind en de Gas Interconnector tussen het VK en België. De aanlandingslocaties van de windmolenparken die daar in de toekomst zullen worden gebouwd, werden ook in overweging genomen.

Voor de aanlanding in het Verenigd Koninkrijk, heeft men vastgesteld dat een gebied in de buurt van het benzinestation in Pegwell Bay, vlak bij de plaats waar de kabels van het offshore windmolenpark Thanet aan land komen, het meest geschikt is. Wanneer de kabels eenmaal aan land zijn, worden de ondergrondse kabels door het Pegwell Bay Country Park geleid, langs het sportcomplex BayPoint (voorheen sportterrein Pfizer) en vervolgens onder de weg door naar het terrein voor het conversiestation.

Effecten op het zeeleven

Er werd een theoretische studie van het kabeltraject en een gedetailleerd offshore onderzoek gedaan om de optimale route van de kabel door de Belgische, Britse en Franse wateren te bepalen. De milieueffecten van dit traject zijn geëvalueerd en er is een milieueffectenrapport opgesteld.

Er werd een verkenning van de zeebodem uitgevoerd waarbij niet-intrusieve methoden (geofysiek) en intrusieve methoden (geotechnisch) gebruikt werden om informatie over het type zeebodem te verkrijgen, zowel voor technische als milieudoeleinden.

De kabels zullen in de zeebodem worden ingegraven met behulp van een geulgraafmachine, die worden ingezet vanaf het hoofdkabellegschip of vanaf een ondersteunend volgschip.